Je werkgever legt je twee leaseauto’s voor: een elektrische en een benzineauto. De elektrische heeft een lager bijtellingspercentage, dus je gaat er automatisch op vooruit. Dat klinkt logisch, maar het klopt lang niet altijd. Een hogere catalogusprijs vreet aan het voordeel van dat lagere percentage, soms zo hard dat je netto per maand duurder uit bent dan met de benzinevariant. De enige manier om te weten wat jouw situatie oplevert, is de rekenmachine erbij pakken.

Hoe bijtelling werkt: één formule

Bijtelling betekent dat je een deel van de catalogusprijs van je leaseauto bij je belastbaar inkomen optelt. Daarover betaal je dan inkomstenbelasting. De berekening ziet zich als volgt:

Catalogusprijs × bijtellingspercentage × marginaal belastingtarief / 12 = netto maandlast

Stel je rijdt in een auto met een catalogusprijs van €40.000, een bijtelling van 22% en je betaalt 36,97% belasting. Dan is de berekening: €40.000 × 0,22 × 0,3697 / 12 = afgerond €271 per maand. Dat is het nettobedrag dat je extra kwijt bent bovenop je eventuele eigen bijdrage.

De huidige percentages: elektrisch vs. fossiel

Per juli 2026 gelden de volgende bijtellingspercentages:

  • Elektrische auto: 16% over de catalogusprijs tot het bijtellingsplafond van €30.000. Over het deel boven die grens geldt 22%.
  • Benzine, diesel of hybride: 22% over de volledige catalogusprijs.

Het bijtellingsplafond is een drempel die je netto maandlast sterk kan beïnvloeden. Kies je een elektrische auto van €55.000, dan betaal je over de eerste €30.000 het verlaagde tarief van 16%, en over de resterende €25.000 gewoon 22%. Dat bespreken we verderop.

Rekenvoorbeeld 1: werknemer in de 36,97%-schijf

Jelle verdient €52.000 bruto per jaar en valt in de belastingschijf van 36,97%. Hij kan kiezen tussen een elektrische auto van €45.000 of een vergelijkbare benzineauto van €38.000.

Auto Catalogusprijs Bijtelling Belastbaar bedrag per jaar Netto maandlast
Elektrisch (tot plafond €30.000 @ 16%, daarboven €15.000 @ 22%) €45.000 16% + 22% €30.000 × 0,16 + €15.000 × 0,22 = €4.800 + €3.300 = €8.100 €8.100 × 0,3697 / 12 = €250
Benzine €38.000 22% €38.000 × 0,22 = €8.360 €8.360 × 0,3697 / 12 = €257

Het verschil is slechts €7 per maand in het voordeel van elektrisch. De hogere catalogusprijs eet het voordeel van het lagere percentage bijna volledig op. Jelle betaalt netto vrijwel hetzelfde, maar rijdt wel een nieuwere en duurdere auto.

Rekenvoorbeeld 2: werknemer in de 49,50%-schijf

Neem nu Sara, die meer verdient en in het hoogste belastingtarief van 49,50% valt. Ze overweegt dezelfde twee auto’s als Jelle.

Auto Belastbaar bedrag per jaar Netto maandlast (49,50%)
Elektrisch (€45.000) €8.100 €8.100 × 0,495 / 12 = €334
Benzine (€38.000) €8.360 €8.360 × 0,495 / 12 = €345

Voor Sara loopt het maandverschil op naar €11. Nog steeds niet indrukwekkend, maar het principe klopt: hoe hoger je belastingtarief, hoe groter het absolute voordeel van een lager bijtellingspercentage. Als Sara een elektrische auto pakt die exact €30.000 kost (dus volledig onder het plafond), dan is het verschil met een benzineauto van dezelfde prijs wél substantieel.

Het bijtellingsplafond als breekpunt

Het plafond van €30.000 is de spil van de hele berekening bij bijtelling elektrisch vs fossiel leaseauto. Rij je in een elektrische auto die goedkoper is dan €30.000, dan betaal je over de gehele catalogusprijs 16% in plaats van 22%. Dat is een fors verschil. Maar de meeste elektrische leaseauto’s zitten boven die grens.

Voorbeeld: een elektrische auto van €30.000 vs. een benzineauto van €30.000 in de 49,50%-schijf.

  • Elektrisch: €30.000 × 0,16 × 0,495 / 12 = €198 per maand
  • Benzine: €30.000 × 0,22 × 0,495 / 12 = €272 per maand

Hier scheelt het €74 per maand. Alleen zijn elektrische auto’s van €30.000 in de praktijk nauwelijks te vinden in het leasesegment.

Rekenvoorbeeld 3: zzp’er met auto op de zaak

Voor een zzp’er werkt bijtelling anders dan in loondienst, omdat de inkomstenbelasting voor zzp’ers anders is geregeld. Je zet de auto op de zaak, wat betekent dat je alle autokosten aftrekt als zakelijke uitgave. Maar daar staat tegenover dat je een bedrag bij je winst moet optellen voor het privégebruik. Dat bedrag is ook hier: catalogusprijs × bijtellingspercentage.

Sander is zzp’er en maakt jaarlijks €70.000 winst. Hij overweegt een elektrische bedrijfsauto van €42.000.

  • Bijtelling per jaar: €30.000 × 0,16 + €12.000 × 0,22 = €4.800 + €2.640 = €7.440
  • Dit bedrag telt bij zijn winst op, waarna hij daarover inkomstenbelasting betaalt
  • In de hoogste schijf (49,50%): €7.440 × 0,495 / 12 = afgerond €307 per maand

Bij een benzineauto van €38.000: €38.000 × 0,22 × 0,495 / 12 = €345 per maand. Dat scheelt Sander €38 per maand. Niet enorm, maar over een lease van 4 jaar is dat toch bijna €1.800 verschil.

Bij welke prijsverhouding ben je netto quitte?

Je kunt ook omgekeerd redeneren: hoe veel duurder mag een elektrische auto zijn ten opzichte van een fossiele variant om netto op hetzelfde uit te komen? In de 49,50%-schijf, voor auto’s volledig onder het plafond van €30.000, geldt het volgende.

De verhouding tussen de belastbare bedragen moet gelijk zijn. Elektrisch betaal je 16%, fossiel 22%. Dat betekent dat een elektrische auto 22/16 = 1,375 keer zo duur mag zijn als de fossiele auto om netto hetzelfde te kosten. Een benzineauto van €28.000 mag als elektrische variant dus zo’n €38.500 kosten voordat het netto quitte is, mits de elektrische versie nog onder het plafond blijft.

Zodra de elektrische auto boven €30.000 uitkomt, verandert de formule en schuift dat breekpunt snel op.

Wanneer fossiel toch voordeliger uitpakt

Er zijn situaties waarbij een benzine- of dieselauto netto goedkoper is:

  • Je valt in de laagste belastingschijf (36,97%) en de elektrische auto is aanzienlijk duurder dan de fossiele optie.
  • De elektrische auto ligt ver boven het bijtellingsplafond, waardoor je over een groot deel gewoon 22% betaalt.
  • Je leasecontract loopt kort, bijvoorbeeld 12 tot 24 maanden. De fiscale voordelen hebben dan minder tijd om zich te stapelen.
  • De eigen bijdrage die je werkgever vraagt voor de elektrische auto is hoger, waardoor het maandelijkse voordeel verdampt.

Checklist: vijf getallen die je nodig hebt

Wil je de berekening voor jouw situatie zelf maken? Dan heb je dit nodig:

  • 1. De catalogusprijs van zowel de elektrische als de fossiele optie
  • 2. Je marginale belastingtarief: 36,97% of 49,50%, afhankelijk van je inkomen
  • 3. Het toepasselijke bijtellingspercentage: 16% (elektrisch, tot €30.000), 22% (elektrisch boven plafond of fossiel)
  • 4. Een eventuele eigen bijdrage die je maandelijks betaalt aan je werkgever
  • 5. Of je in loondienst bent of zzp’erwant bij zzp telt de bijtelling anders mee in je belastingaangifte

Met die vijf getallen en de formule bovenaan dit artikel kun je binnen vijf minuten uitrekenen welke optie in jouw situatie netto voordeliger is.

Of elektrisch goedkoper uitpakt, hangt bijna volledig af van de catalogusprijzen die je naast elkaar legt. Een elektrische auto net onder het bijtellingsplafond levert het meeste voordeel op. Zit de prijs ver daarboven, dan verdampt het verschil snel. Bereken het voor jouw specifieke situatie voordat je tekent.