Je zit met een woning van €390.000 en een hypotheekadviseur die vraagt of je NHG wilt. Je knikt, want je hebt er iets over gelezen, maar je weet niet wat het kost en wat het oplevert. Ondertussen tikt er een bedrag van ruim €3.000 aan borgtochtprovisie bij je lening op. Dat is geen bijzaak, dat is een keuze die je moet kunnen onderbouwen.
Wanneer stuit je op de NHG-vraag?
NHG staat voor Nationale Hypotheek Garantie. In 2026 geldt een koopsomlimiet van €450.000 voor een reguliere woning. Koop je een huis met energiebesparende voorzieningen, dan mag de koopsom oplopen tot €477.000, omdat de NHG-grens dan met 6 procent wordt opgerekt. Val je binnen die grenzen en leen je het volledige bedrag, dan kun je NHG aanvragen.
De prijs voor die garantie is de borgtochtprovisie: 0,6 procent van het totale hypotheekbedrag, eenmalig betaald bij het afsluiten. Bij een lening van €380.000 betaal je dus €2.280. Bij €430.000 is dat al €2.580. Dat bedrag wordt doorgaans meegefinancierd in de hypotheek, maar je betaalt er de komende jaren wel rente over.
Wat de staatsborgstelling concreet doet
NHG is geen verzekering in de klassieke zin. Het is een borgstelling van de overheid via de Stichting Waarborgfonds Eigen Woningen. Als jij je hypotheek niet meer kunt betalen, springt het fonds bij om de restschuld te dekken, maar alleen in specifieke situaties:
- Je verliest je baan onvrijwillig en kunt de lasten niet meer dragen.
- Je gaat scheiden en de woning moet worden verkocht met verlies.
- Je partner overlijdt en het inkomen daalt daardoor sterk.
Belangrijk: je moet dan aantoonbaar hebben gedaan wat je kon, zoals actief op zoek zijn gegaan naar werk of een betalingsregeling hebben geprobeerd. NHG kwijtscheldt de restschuld niet zomaar. Maar als aan de voorwaarden is voldaan, hoef je de bank bij een gedwongen verkoop met verlies niet het resterende bedrag terug te betalen. Zonder NHG sta je dan zelf voor die schuld.
De rentepremie in cijfers
Het tweede voordeel van een NHG hypotheek zit in de rente. Banken zien een NHG-lening als minder risicovol, omdat het fonds garant staat. Dat vertaalt zich in een lagere rente, gemiddeld 0,2 tot 0,4 procent lager dan een vergelijkbare hypotheek zonder NHG.
Stel: je leent €380.000 met een looptijd van 30 jaar en een rentevastperiode van 10 jaar. Zonder NHG betaal je 4,2 procent rente, met NHG 3,9 procent. Het verschil is 0,3 procent. Op €380.000 scheelt dat €1.140 per jaar aan bruto rentelasten, oftewel €95 per maand.
Je borgtochtprovisie bedraagt in dit voorbeeld €2.280. Deel je dat door de jaarlijkse besparing van €1.140, dan is de terugverdientijd precies twee jaar. Na twee jaar heb je de eenmalige kosten terugverdiend en bespaar je elke maand netto geld. Over een volledige rentevastperiode van 10 jaar levert NHG je dan in totaal zo’n €9.000 aan rentevoordeel op tegenover een eenmalige kostenpost van €2.280. Dat is een duidelijke winst.
Maar die rekensom verandert als het renteverschil kleiner is. Bij slechts 0,1 procent verschil op diezelfde lening bespaar je €380 per jaar. De terugverdientijd loopt dan op tot zes jaar. Ga je binnen vijf jaar verhuizen, dan heb je de borgtochtprovisie nooit terugverdiend.
Grensgevallen onder de loep
Stel dat de woning die je wil kopen net boven het NHG-plafond uitkomt, op €460.000. Dan val je buiten de grens en betaal je automatisch de hogere rente. Maar wat als je €15.000 extra eigen geld inbrengt en leent voor €445.000? Dan zit je wel binnen de grens en kun je NHG aanvragen.
Of andersom: je wil een huis kopen voor €440.000 maar hebt weinig spaargeld. Je leent het maximale bedrag en NHG is mogelijk. In dat geval is de afweging simpel: de rente plus garantievoordelen wegen bijna altijd op tegen de borgtochtprovisie, zeker als je van plan bent er lang te wonen.
Zit je net boven de grens en heb je geen extra eigen geld? Dan is een gewone hypotheek je enige optie en is er geen keuze te maken.
Wie de garantie wel en niet krijgt
NHG is niet voor iedereen beschikbaar. Er gelden een paar harde voorwaarden:
- De koopsom of marktwaarde mag niet boven de geldende limiet uitkomen.
- Je mag niet meer lenen dan 100 procent van de woningwaarde (loan-to-value).
- Je inkomen moet hoog genoeg zijn voor de berekende maximale hypotheek.
- De woning moet bestemd zijn voor eigen bewoning, niet voor verhuur.
Nieuwbouw en bestaande bouw vallen allebei onder NHG. Bij nieuwbouw geldt de koopsom inclusief meerwerk en eventuele grondkosten. Energiebesparende maatregelen zoals zonnepanelen, warmtepompen of isolatie kunnen de grens oprekken tot €477.000, mits ze aantoonbaar onderdeel zijn van de financiering.
Wanneer een gewone hypotheek rationeel wint
Er zijn situaties waarin je bewust beter af bent zonder NHG:
Als je een flink eigen vermogen inbrengt, zeg meer dan 30 procent van de koopsom, is het restschuldrisico sowieso klein. De kans dat je huis bij gedwongen verkoop minder oplevert dan de hypotheekschuld is dan minimaal. Je betaalt dan voor een vangnet dat je waarschijnlijk nooit nodig hebt.
Ook als je plannen hebt om binnen vijf jaar te verhuizen, is de kans groot dat je de borgtochtprovisie niet terugverdient met het rentevoordeel. Zeker als het renteverschil bij jouw aanbieder maar 0,1 of 0,2 procent is.
Ben je van plan de woning (deels) te verhuren, dan kom je sowieso niet in aanmerking. En bij een koopsom boven het plafond is de keuze simpelweg niet aan de orde.
Restschuldrisico als doorslag
Voor starters met weinig eigen geld, eenverdieners of mensen met een flexibel arbeidscontract is NHG geen luxe maar een vangnet dat echt verschil maakt. Als je op het randje financiert, met weinig buffer en een inkomen dat niet gegarandeerd stabiel is, dan is de borgstelling de reden waarom je ’s nachts rustig slaapt.
Stel: je koopt een appartement voor €320.000, leent het volledige bedrag, hebt geen spaargeld en werkt op een tijdelijk contract. Als je baan wegvalt en de woning moet worden verkocht voor €290.000, houd je een restschuld van €30.000 over. Zonder NHG ben je dat persoonlijk verschuldigd aan de bank. Met NHG wordt die schuld kwijtgescholden als aan de voorwaarden is voldaan. Dat is geen kleine overweging.
Praktische checklist: vijf vragen die bepalen of jij NHG afsluit
Doorloop deze vragen voordat je de handtekening zet:
Vraag 1. Valt mijn koopsom binnen de NHG-grens van €450.000 (of €477.000 bij energiebesparende maatregelen)?
Vraag 2. Is het renteverschil bij mijn aanbieder minimaal 0,2 procent ten opzichte van een hypotheek zonder NHG?
Vraag 3. Ben ik van plan hier langer dan vijf jaar te wonen, zodat de terugverdientijd realistisch is?
Vraag 4. Is mijn financiële buffer beperkt, of heb ik een inkomen dat kwetsbaar is voor veranderingen (flex, zzp eenverdiener)?
Vraag 5. Financier ik meer dan 80 procent van de woningwaarde, waardoor restschuldrisico reëel is bij een dalende markt?
Beantwoord je drie of meer vragen met ja, dan is een NHG hypotheek in bijna alle gevallen de slimste keuze. Beantwoord je er twee of minder met ja, dan loont het de moeite om de berekening met je adviseur te maken op basis van het actuele renteverschil bij jouw specifieke aanbieder.
De borgtochtprovisie voelt als een kostenpost, maar voor de meeste kopers binnen de grens is het een rendabele investering. Het rentevoordeel verdient de eenmalige kosten in veel gevallen binnen twee tot vier jaar terug, en de garantie bij baanverlies of scheiding is voor starters en eenverdieners geen overbodige luxe. Alleen als je flink eigen geld inbrengt, zeker weet dat je snel verhuist, of boven het plafond zit, is een gewone hypotheek de rationelere keuze. Laat de berekening altijd maken op basis van actuele rentes bij meerdere aanbieders, want het precieze renteverschil bepaalt of de som voor jouw situatie klopt.
